Heden van het slavernijverleden

Slavernijverleden entree expo © foto Wilma_Lankhorst
Entree bij de expositie Heden van het Slavernijverleden © foto Wilma Lankhorst.

In het Afrika Museum in Berg en Dal kun je nu het ‘Heden van het slavernijverleden’ verkennen. Nederlandse handelaren verscheepten in de eeuwen die achter ons liggen meer dan 600.000 gevangen volwassenen èn kinderen van Afrika naar Noord- en Zuid-Amerika. Ik vroeg me af of ik iets had gemist op school van deze donkere pagina’s uit onze geschiedenis? Ons slavernijverleden is actueler dan ooit. Het is de hoogste tijd voor een inhaalslag. Dat kan nu in Berg en Dal.

Slavernijverleden_Anton de Kom wij slaven van Suriname © foto Wilma_Lankhorst
Herdruk van ‘Wij slaven van Suriname’ van Anton de Kom © foto Wilma Lankhorst.

Even terug in de tijd

De Portugezen en de Spanjaarden waren de eerste twee Europese landen die in de vijftiende eeuw de eerste kolonies hebben gestichten. Zij introduceerden hier het systeem van slavernij. Het begon op suikerplantages langs de Afrikaanse kust* en later ook in Brazilië. De focus lag in eerste instantie op ‘goedkope arbeidskrachten’ waardoor de overheersers met de koloniale producten konden concurreren op de Europese markt. Andere Europese landen zoals Nederland nemen dit voorbeeld van hen over.

* In sommige Afrikaanse landen was er vóór de komst van de Europeanen sprake van vormen van slavernij.

Zicht op fort Elmina (anoniem) in of na 1869 © collectie Rijksmuseum
Zicht op Fort Elmina (anoniem) in of na 1869 © collectie Rijksmuseum

Fort Elmina in Ghana

Tussen 1600 en 1800 verscheepten Nederlandse handelaren meer dan 600.000 volwassenen èn (hun) kinderen van West-Afrika naar Noord- en Zuid-Amerika. Het belangrijkste Nederlandse fort waaruit de transporten vertrokken was Fort Elmina, in het huidige Ghana. De handelaren, de Republiek der Nederlanden en vanaf 1814  het Koninkrijk der Nederlanden zagen de gevangen genomen Afrikaanse inwoners niet als mensen, maar als handelswaar. 

Slavernijverleden zaalimpressie © foto Wilma_Lankhorst
Slavernijverleden, zaalimpressie © foto Wilma Lankhorst.

WIC en VOC

Je kunt het zo zien dat ons slavernijverleden twee windrichtingen kent: West- en oostwaarts. De West-Indische Compagnie (WIC) richtte zich vooral op de handel in Suriname, Brazilië en het Caribisch gebied. Daarnaast waren onze handeldrijvende landgenoten actief in Zuid-Afrika en Azië. Hier voeren de schepen onder de vlag van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC). Naar het Oosten zijn met Nederlandse schepen tussen de 660.000 en 1,1 miljoen mensen onvrijwillig getransporteerd. In de tentoonstelling in het Afrika Museum zijn de ogen vooral naar het Westen gericht.

Slavernijverleden Verhalen van Tula, Gabriel en Quassie © foto Wilma_Lankhorst
Verhalen van Tula, John Gabriel en Quassie © foto Wilma Lankhorst.

Van slaafgemaakte tot contractwerker

In 1863 maakte de Nederlandse regering wettelijk een einde aan de Trans-Atlantische slavernij. Officieel heet het dat het Koninkrijk der Nederlanden op 1 juli 1863 met de zogenaamde Emancipatiewet de slavernij in Suriname en op de Nederlandse Antillen heeft afgeschaft.
Op dat moment kregen 45.000 oorspronkelijk Afrikaanse slaven, van wie er 34.441 in Suriname woonden ‘hun vrijheid terug’. Maar niet heus! De wet voorzag in een regeling dat de slavenhouders voor elke slaaf een schadevergoeding van 300 gulden kregen. Maar de vrijgemaakte mensen zelf kregen helemaal niets.

Slavernijverleden Document vrijstelling © foto Wilma_Lankhorst
Document vrijstelling (manumissie = officiële vrijlating) © foto Wilma Lankhorst.

Tien loodzware jaren in Suriname

De vrijgemaakte mensen waren in Suriname zelfs verplicht om nog tien jaar op contractbasis het(zelfde) (plantage) werk te blijven doen. En hiermee begon voor hen een nog zwaardere strijd om te overleven. Een nieuw fenomeen, de contractwerker (lees ‘loonslaaf’) deed zijn intrede. Had een tot slaafgemaakte op de plantage nog een dak boven zijn hoofd en dagelijks een karige maaltijd. Als vrijgemaakt mens moest hij zelf voor onderdak en eten zorgen. Door de zeer lage betaling konden ze amper in hun levensonderhoud en dat van hun gezin voorzien. Anton de Kom beschrijft dit proces op een zeer indringende manier in zijn boek Wij slaven van Suriname (1934).

Slavernijverleden Anton de Kom © foto Wilma_Lankhorst
Anton de Kom en zijn gedachtegoed © foto Wilma Lankhorst.

Racisme, discriminatie en stereotypering zijn voorbeelden van slavernij Nederland.

Sporen die vandaag nog voelbaar zijn

In de tentoonstelling zie en hoor je hoe in een periode van honderden jaren koloniale overheersing, ongelijke raciale verhoudingen in onze samenleving zijn opgebouwd. Deze situatie liet sporen na in onze maatschappij. Sporen die we nu nog steeds kunnen voelen. Racisme, discriminatie en stereotypering zijn voorbeelden van slavernij in Nederland. Direct na het ontstaan van de slavernij, ontstond ook het protest en het verzet tegen de slavenhouders. Protest is ook nu nog voelbaar. Denk aan de harde en grimmige woorden die werden uitgesproken in de Zwarte Piet discussie. Ook de Black Lives Matter protesten komen hier in Berg & Dal aan bod. Nu ik meer lees én hoor over onze koloniale geschiedenis, krijg ik meer begrip voor de reacties van mijn landgenoten.

Slavernijverleden videoportret Gloria Daisy Wekker (1950) © foto Wilma_Lankhorst
Videoportret van Gloria Daisy Wekker (1950) © foto Wilma Lankhorst.

Videoportretten

Naast een ‘weerzien met Anton de Kom’ ben ik het meest onder de indruk van de videoportretten in deze expositie. Vier sleutelfiguren in het actuele debat delen hun visie en kennis met ons: Gloria Wekker, Fatah-Black, Amade M’charek en Marian Markelo. Van Gloria Daisy Wekker (Paramaribo, 1950) leer ik dat ik niet heb liggen slapen tijdens de geschiedenislessen op school. Wekker is een Surinaams-Nederlandse antropologe, gespecialiseerd in genderstudies en Caribische studies. Zij legt duidelijk uit dat onze koloniale geschiedenis niet wordt gezien als een onderdeel van de basale vaderlandse geschiedenis. Het is een specialiteit waarin relatief weinig geschiedenisdocenten lessen hebben gevolgd. En wat je niet leert, kun je niet onderwijzen? Of ligt dit toch anders?

Slavernijverleden creativiteit als daad van verzet © foto Wilma_Lankhorst
Creativiteit als daad van verzet © foto Wilma Lankhorst.

Geen onderwijs op de plantages

Een ander geluid komt van Winti priesters Marian Markelo (foto boven). Ze legt uit dat de tot slaaf gemaakte geen onderwijs kregen. De plantage eigenaren hadden er veel baat bij dat de slaafgemaakten niet konden lezen of schrijven. Hierdoor was de kans dat zij in opstand zouden komen kleiner. De slaaf gemaakte ontwikkelen een ander communicatiemiddel om boodschappen door te geven en dat deden ze door middel van liederen. Markelo zingt hier een traditioneel afro Surinaams lied.

Slavernijverleden schoenen hoofdpiet Erik van Muiswinkel Sinterklaas-Journaal tot 2016 © foto Wilma_Lankhorst
Schoenen ‘hoofdpiet’ Erik van Muiswinkel (tot 2016) Sinterklaas-Journaal © foto WL

Met mijn oordopjes in luister ik naar het perspectief van de vier sleutelfiguren op verschillende nalatenschappen van slavernij. In de vitrines ontdek ik historische èn hedendaagse collectiestukken over slavernij en het verzet daartegen. Er liggen boeken uit The Black Archives,  je ziet foto’s van protesten in de jaren ’70 tot nu. Al deze informatie draagt bij aan ontdekking en bewustwording van dit thema.

Slavernijverleden Wat maakt je mens © foto Wilma_Lankhorst
Wat maakt je mens? © foto Wilma Lankhorst.

Onderwijs is de sleutel tot het verhogen van het bewustzijn t.a.v. het slavernijverleden.

Keti Koti: herdenken op 1 juli

Zowel in de boeken van Anton de Kom als in het Afrika Museum is Keti Koti een begrip. Keti Koti is een jaarlijks Surinaamse herdenkingsdag ter herinnering aan de afschaffing van de slavernij in 1863. Keti Koti is een begrip uit de Creoolse taal het Sranantongo en betekent Ketenen Verbroken. Sinds 1 juli 2020 is Keti Koti onderdeel van de Canon van Nederland (onderdeel van het venster slavernij). Deze opname in de Canon is voor de bewustwording van onze geschiedenis een belangrijke mijlpaal. Hiermee aanvaardt en bevestigt Nederland het feit dat het trans-Atlantisch slavernijverleden een gedeeld verleden is. Dat het een basis onderdeel is van onze Nederlandse geschiedenis.

Slavernijverleden creativiteit als een daad van verzet © foto Wilma_Lankhorst
Creativiteit als een daad van verzet © foto Wilma Lankhorst.

Mijn indrukken van ‘Heden van het slavernijverleden

  • Na de vernieuwde Canon van Nederland ben ik de biografie van Anton de Kom gaan lezen en daarna zijn boek ‘Wij slaven van Suriname’. Hier zie ik Anton de Kom terug en dat vind ik fijn. Iedereen zou kennis moeten maken met Anton de Kom en zijn verhalen;
  • De tentoonstelling in Berg en Dal laat ook zien hoe slaafgemaakten zich verzetten. Soms gebeurde dit openlijk met geweld. Soms deden ze dit in het geheim door eigen muziek, religies en talen te creëren. Dit was een vorm van cultureel verzet. Op deze manier probeerden ze hun menselijke identiteit te behouden;
  • De gesprekken die je in de videoportretten kunt beluisteren, voegen veel toe aan de ervaring. Ik vind dit een leerzame en waardevolle toevoeging aan de expositie;
  • Denk aan je oordopjes. Mocht je ze toch vergeten, koop ze dan voor € 1 bij de kassa.
  • Ik kom later dit jaar nog eens terug om de uitbreidingen te zien en zeker om de focus op Gelderland te ontdekken in deze context.
Slavernijverleden_Een wand vol namen © foto Wilma_Lankhorst
Een wand vol namen © foto Wilma Lankhorst.

De Namen

Op de vide sta ik oog-in-oog met een wand vol namen. Slaafgemaakten hadden vaak alleen een voornaam. Dat was niet hun geboortenaam, maar een naam die zij van de plantage-eigenaar kregen. Na 1863 was iedereen verplicht een familienaam te hebben. En opnieuw was het iemand anders, in dit geval de koloniale overheid die deze achternaam koos. 

Slavernijverleden zaalimpressie en video © foto Wilma_Lankhorst
Serie omslagdoeken ter herinnering aan 1 juli 1863 en video © foto Wilma Lankhorst.

Heden van het slavernijverleden’ is nog t/m 3 juli 2022 te zien in het Afrika Museum

Een deel van deze expositie was eerder te zien in Tropenmuseum Amsterdam. Speciaal voor de locatie van het Afrika Museum wordt in de komende zomermaanden een uitbreiding verzorgd met het oog op de Gelderse slavernijgeschiedenis. Daarnaast wordt de bestaande tentoonstelling verder geactualiseerd op basis van nieuwe gegevens en inzichten. In het najaar van 2021 gaat de geactualiseerde versie van Heden van het Slavernijverleden open.

© foto’s en tekst Wilma Lankhorst
@ gebruik van de afbeeldingen met dank aan het Afrika Museum, het Tropenmuseum en de genoemde kunstenaars.
Slavernijverleden_Anton de Kom wij slaven van Suriname © foto Wilma_Lankhorst
Herdruk van ‘Wij slaven van Suriname’ van Anton de Kom © foto Wilma Lankhorst.

Meer lezen over het Nederlands slavernijverleden?

Wij slaven van Suriname, Anton de Kom (Paramaribo, 1898). Surinaamse anti-koloniale schrijver en nationalist. De Kom was in Suriname een vrijheidsstrijder, en een verzetsstrijder in ons land tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij overleed op 24 april 1945 in concentratiekamp Sandbostel in Neueganmme. Wij slaven van Suriname is  in 1934 voor het eerst verschenen. Het boek is in 2021 opnieuw uitgegeven. ISBN 9789045041094 € 20,00.

Anton de Kom (2016), Alice Boots en Rob Woortman. Biografie over de jeugd van Anton de Kom in Paramaribo, zijn vertrek naar Nederland en zijn afkeer van het Nederlandse kolonialisme. ISBN 9789045032825 € 24,99.

Slavernij (2021), Eveline Sint Nicolaas, Valika Smeulders, e.a Catalogus bij gelijknamige expositie in het Rijksmuseum Amsterdam. De tentoonstelling is opgebouwd aan de hand van verhalen van tien personen die deel uitmaakten van de Nederlandse koloniale slavernijgeschiedenis. Deze tien personen vormen ook de rode draad in de catalogus. ISBN 9789045042459, € 27,99. Te koop in de Rijksmuseum Shop en in de boekhandel.

Slavernij boekomlslag
lees ‘Slavernij’

Lees hier mijn recensie over de catalogus van SLAVERNIJ.
De online tentoonstelling is hier nog steeds te zien.